donderdag 15 oktober 2015

Ontwikkeling van drones en de JSF

Vanavond vond in Concordia aan de Oude Markt in Enschede het Science Café plaats. Dit keer over het vliegen van echte vogels en robotvogels, achtereenvolgens uitgelegd door experimenteel zoöloog dr. Florian Muijres (Wageningen Universiteit) en Nico Nijenhuis BSc, directeur van Clear Flight Solutions, dat robotvogels maakt die door hun gelijkenis qua uiterlijk en vlieggedrag met roofvogels overlastgevende vogels bij bijvoorbeeld vliegvelden kunnen verjagen.


Florian Muijers benadrukte eigenlijk twee evolutionaire lijnen in het vlieggedrag. Evolutionaire lijnen die enerzijds resulteren in het vlieggedrag van grote vogels die hun liftkracht ontlenen aan de vorm en omvang van hun vleugels en anderzijds in dat van insecten die hun liftkracht ontlenen aan de snelle roterende bewegingen die ze met hun vleugels kunnen maken. De liftkracht van de grote vogels heeft model gestaan voor de ontwikkeling van het vliegtuig; die van insecten voor die van helikopters. In de natuur hebben de nog later ten tonele verschenen vleermuizen en overigens ook veel kleine vogelsoorten nog een hybride vorm ontwikkeld waarin zowel elementen van het grote-vogel- als van het insecten-gedrag terugkomen. Hij benadrukte dat het vermogen om te kunnen vliegen zowel een snel àls een heel nauwkeurig besturingssysteem vergt en dat dat ook de reden is geweest waarom dit vermogen zowel in de natuur maar zeker ook in de menselijke transporttechniek relatief laat tot ontwikkeling is gekomen.


Nico Nijenhuis bouwde daar op voort. Het te simuleren vlieggedrag van roofvogels is zo ingewikkeld dat bij de ontwikkeling van de robotvogel toch is gekozen voor zoveel mogelijk vereenvoudigingen. Je zou wel meer willen, maar je krijgt het mechanisch en ook qua besturingssysteem domweg niet voor elkaar. Zo moest het starten en landen nog helemaal handmatig gebeuren en ook het rondvliegen zelf wordt nog door iemand met een afstandbediening op de grond aangestuurd. De resultaten die hij liet zien waren echter al verbluffend.

Hoe natuurlijk ze ook lijken, technische gezien zijn de ontwikkelde robotvogels drones en moeten voldoen aan de juridische wet- en regelgeving, maar volgens Nijenhuis kennelijk ook aan een andere wetmatigheid, namelijk het streven naar autonomie. Daar streeft de hele drone-industrie naar, zo merkte hij op, en als definitie van autonomie gaf hij "the capacity to take control of ones own learning". Deze wetmatigheid en definitie is wel interessant ten opzichte van twee eerdere bijeenkomsten over drones en dan met name hun toepassing in de militaire sector.

Hoewel niet geagendeerd, kwam die militaire sector terug in de allerlaatste vraag van de avond, namelijk of de Joint Strike Fighter niet hopeloos verouderd was tegen de achtergrond van deze ingenieuze drone-technologie. Nico Nijenhuis benadrukte dat hij uit een defensie-familie komt en dat hij één van de weinige leden van zijn familie is die niet bij de luchtmacht werkt, maar dat JSF, het troetelkindje van de luchtmacht, in zijn ogen een "aerodynamisch gedrocht van een vliegtuig" is. Dat heeft volgens hem alleen al te maken met het feit dat geprobeerd is om drie functies in één vliegtuig samen te bregen terwijl de evolutie laat zien dat specialisatie tot betere resultaten leidt. Op alle drie functies wordt de JSF dan ook verslagen door zijn voorgangers: "elke F16 vliegt hem eruit".

Ter verdediging van de JSF voert Florian Muijers nog aan dat het toestel wel volgestopt is met slimme sensoren, maar ook dat wordt neergesabeld door Nico Nijenhuis. Elk extra besturingssysteem - en daar leiden slimme sensoren toe - vergroot de instabiliteit en de onbetrouwbaarheid van het toestel. Dat is ook precies de reden waarom hij bij de ontwikkeling van de robotvogel allerlei versimpelingen heeft doorgevoerd. Bovendien blijkt al dat er onderzoek gedaan moest worden naar de vraag of de piloot al deze extra sensor-informatie wel aan kan en of deze door primaire te midden van geanimeerde beelden zich niet te zeer in een computer game meent te bevinden.

De JSF is volgens hem de allergrootste miskoop die de overheid ooit heeft begaan en het argument "we hebben er nu al zoveel geld in gestopt dat we wel door móéten gaan" zul je alleen bij een overheid horen, want elk bedrijf dat zo redeneert gaat failliet. En Lockheed Martin weet dat overheden zo redeneren en maakt daar gebruik van, door de prijs aanvankelijk laag in te schatten en deze steeds iets meer op te voeren, net niet groot genoeg dat zelfs overheden eieren voor hun geld kiezen en alsnog afhaken.

En met die eieren zijn we weer terug bij de vogels. 

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen