woensdag 25 september 2013

Vredesactivisme 2.0

In het kader van de landelijke Vredesweek 2013 met als motto "Act for Peace" organiseerden Enschede voor Vrede en de Wetenschapswinkel aan de Universiteit Twente op woensdagavond 25 september een minisymposium over Vredesactivisme 2.0: welke rol spelen sociale media in de vredesacties hier en elders. Hieronder een inhoudelijk verslag:

 
Het tijdens een eerdere Vredesweek-activiteit gerezen probleem om te weten wat er precies leeft bij de groepen waarmee je samen denkt te werken was toevallig ook het vertrekpunt van de inleiding van Evert Jan Grit (IKV Pax Christi) diezelfde woensdagavond bij het mini-symposium “Vredesactivisme 2.0”. Een aantal jaren geleden was hij binnen de NGO-wereld werkzaam in de Palestijnse gebieden en wel met seculiere, westers georiënteerde lokale organisaties. Uit deze NGO’s werden verkiezingswaarnemers gerekruteerd en al deze collega’s waren volledig verrast en verkeerden in shock toen uit de uitslag bleek dat Hamas de verkiezingen in Gaza had gewonnen. Daar hadden ze niet op gerekend. Volgens Grit kwam dit omdat zij de hele wereld van de sociale media hadden genegeerd en dat feitelijk nog steeds deden. Op die sociale media vindt de onderlinge communicatie plaats over datgene dat de reguliere media niet willen of niet mogen brengen. Grit maakt zich er sindsdien sterk voor dat NGO’s zich meer aan die sociale media gelegen laten liggen en daarin ook de kracht erkennen van ondergrondse sociale bewegingen in veelal autoritair geregeerde staten waar corruptie, ook in de media, welig tiert.

Hij haalde eerst een voorbeeld aan van een groep die in Marokko filmpjes op internet plaats waarop te zien is hoe Marokkaanse politieagenten zich laten omkopen. Deze filmpjes zijn waanzinnig populair en hebben de regering gedwongen tot het nemen van maatregelen. Sociale media zijn dus een effectief actiemiddel om misstanden te onthullen. Dat gebeurt ook in Syrië, waar je overigens zit dat de Syrische regering van hetzelfde actiemiddel gebruikt maakt door filmpjes over optredens van opstandelingen op internet te plaatsen. En dat terwijl de Syrische regering de reguliere media controleert; het geeft alleen maar aan hoe effectief het middel is en IKV Pax Christi ondersteunt met de campagne “Adopt a Revolution” Syrische burgeractivisten die tegenwoordig niet alleen de gruwelijkheden van het Syrische leger maar ook dat van de oppositiegroepen in beeld brengen. Ze liggen daardoor van twee kanten onder vuur en dat maakt hun werk bijzonder lastig. De campagne van IKV Pax Christi bestaat niet alleen uit het geven van geld, maar nog belangrijker uit het leggen en onderhouden van contacten met deze burgeractivisten om aan de buitenwereld zichtbaar te maken wat zij in beeld brengen, relaties te leggen met groepen die voor de Syrische burgerbevolking opkomen en deze mensen door die contacten een zekere mate van bescherming te bieden. Grit sluit zijn presentatie af met twee in Syrië gemaakte filmpjes van burgeractivisten die hoop kunnen bieden. In één van die filmpjes wordt teruggeblikt op een massademonstratie in Hama, ruim twee jaar geleden.


Dat beeld vormt de brug naar het verhaal van Eren Polat van het Twente-Taksim Solidariteitsplatform dat eind mei / begin juni in Enschede werd opgericht om vanuit de hier woonachtige uit Turkije afkomstige bevolkingsgroep solidariteit te betuigen met de demonstranten op het Taksim-plein en in tientallen andere steden in Turkije. Polat benadrukt dat er al langer onvrede was over de autoritaire politiek van de regering Erdogan die binnen Turkije steeds islamistischer wordt (met verbodsbepalingen over lippenstift, zoenen in het openbaar e.d.) en richting buitenland (met name ten aanzien van Syrië) steeds agressiever. Het politie-optreden tegen een ogenschijnlijk onbeduidende actie voor het behoud van een paar bomen in het Gezi-park in Istanbul vormde de spreekwoordelijke druppel die de emmer deed overlopen en leidde tot een storm van protesten die het hele land overspoelden. De reguliere Turkse media, die zwaar gecensureerd worden door de Turkse overheid (Turkije is het land met de meeste journalisten in de gevangenis ter wereld), negeerden deze acties en dus vormden de sociale media het belangrijkste communicatiekanaal. Polat heeft terug gevonden dat op 1 juni 2013, de dag van de hevigste protesten in Turkije, 3 miljoen tweets werden verstuurd over deze protesten. Ter vergelijking: tijdens de gehele opstand in Egypte in het voorjaar van 2011 waar sociale media ook zo’n belangrijke rol bij speelden, werden in totaal “slechts” 900.000 tweets verstuurd. De protesten gaan nog steeds door en activisten putten zich uit in creativiteit. Zo werd onlangs een campagne gestart om trappen in de kleuren van de regenboog te schilderen. Dat gebeurt nu overal in Turkije en van al die geschilderde trappen worden foto’s gemaakt en via de sociale media verspreid.

Vanuit Syrië en Turkije trekt Margarita Jeliazkova de lijn van de volksprotesten door naar Bulgarije waardoor deze binnen de Europese Unie komen te liggen. Aan de massale protesten in dit land, die op 25 september 104 dagen gaande waren, wordt in de Europese cq. Nederlandse pers echter nauwelijks aandacht besteed. Kennelijk komt het te dicht bij; de door die protesten bekritiseerde premier is voorzitter van de PES, de Partij van Europese Socialisten waar bijvoorbeeld de Partij van de Arbeid bij aan is gesloten. Dat zou een tweede reden kunnen zijn om deze protesten maar te negeren. Ook neemt Jeliazkova waar dat veel Nederlanders en Europeanen die Bulgaren liever kwijt dan rijk zijn. Maar als je wil dat Bulgaren niet massaal naar West-Europa trekken (van de 9 miljoen Bulgaren leven er 2 miljoen buiten Bulgarije) dan zul je er misschien vanuit Europa op aan moeten dringen dat de Bulgaarse regering tegemoet komt aan de eisen van de opstandige bevolking die de regerende maffia zat is. Jeliazkova wijst op nog een ander Europees belang dat veronachtzaamd wordt: via gas- en oliepijpleidingen is Rusland thans bezig om in zuidoost-Europa weer vaste voet aan de grond te krijgen. Er speelt met andere woorden ook een geopolitiek belang. Tijdens een skype-gesprek met een door velen gevolgd Bulgaars blogster, Magdalena Guenova, antwoordt deze op de vraag wat we vanuit Nederland zouden kunnen doen om de protesterende burgers in Bulgarije te helpen: “Breng het onder de aandacht voor de kandidaten voor de Europese parlementsverkiezingen in mei 2014”.

Zelf is Jeliazkova, met honderdduizenden andere Bulgaren, kort na het einde van de Koude Oorlog naar het Westen getrokken waar zij haar werk als politicologe, thans aan de Universiteit Twente, heeft voortgezet. Via een eenvoudig schema zet ze uiteen dat als je vanuit de loyaliteit met je land je stem daar niet langer kunt laten horen, vertrek de enige mogelijkheid is om trouw te blijven aan je idealen. Via de sociale media blijkt het echter mogelijk om zelfs nadat je bent vertrokken toch loyaal te blijven met de mensen in je land die dezelfde idealen koesteren en alsnog je stem te laten horen. Ze laat een groot aantal beelden zien van kleine, soms zelfs één-persoonsacties, van geëmigreerde Bulgaren wereldwijd die hun solidariteit laten zijn. Daarbij wordt steeds de Bulgaarse vlag getoond, maar ook wordt een achtergrond gekozen dat symbool staat voor het land waar ze zich nu bevinden. Via de sociale media kun je invulling geven aan je verbondenheid met het land van herkomst, maar dat wil niet zeggen dat je geen band zou hebben met het land waar je nu woont en leeft, aldus Jeliazkova.

Als onderzoeker naar het gebruik en de effecten van sociale media zet Sjoerd de Vries toch ook een paar kritische kanttekeningen bij de hoera-verhalen die we tot dusverre hebben gehoord. Bij de zogenaamde facebook-rellen bij Haren bleek het mobiliserend effect van de reguliere media zoals Trouw en De Wereld Draait Door veel groter dan dat van de facebook-berichten. Ook moet je niet uit het oog verliezen dat alles wat je via de sociale media doet ergens wordt opgeslagen en voor commerciële (maar waarom dus ook niet voor politieke) doeleinden te koop is. Toekomstige regeringen kunnen dus achterhalen wat jij op een bepaalde datum hebt gedaan of hebt gecommuniceerd; aan welke kant je stond bij een bepaald politiek conflict etc. Daar hoef je je niet bang door te laten maken, maar je moeten er ook niet naïef in zijn.

In de discussie vraagt één van de aanwezige studenten wat die burgeractivisme eigenlijk met “vredesactivisme”. Hij ziet als resultaat van deze volksopstanden eigenlijk alleen maar geweld. Vooral in Syrië. Evert Jan Grit geeft aan dat de volksopstand in Syrië mislukt is. De opstandelingen zijn er niet in geslaagd om de protesten geweldloos te houden en om groepen uit de andere religieuze en etnische minderheden bij de opstanden te betrekken. Het omslagpunt van een geweldloze naar een gewelddadige opstand is volgens hem het moment waarop soldaten en complete eenheden van het regeringsleger overlopen naar de oppositie en het Vrije Syrische Leger oprichten om aan de kant van de opstandelingen te vechten. Een strijd die vervolgens ook buitenlandse strijders aantrok. Dictators kunnen heel goed overweg met gewelddadige groepen, maar niet met geweldloze groepen, zo heeft de geschiedenis wel geleerd. De burgeractivisten in Syrië demonstreren dan ook niet meer tegen de regering of tegen de oppositie, maar proberen dingen op te zetten als krantjes of burgergroepen die iets tot stand zouden kunnen brengen in een nieuw Syrië. Naar aanleiding van dit verhaal benadrukken Eren Polat en Margarita Jeliazkova dat de “leiders” van de opstanden in Turkije en Bulgarije juist ook op basis van de ervaringen in Syrië alles in het werk stellen om de opstanden in hun landen geweldloos te houden. Dat moet dan tegen alle frustraties in want tot dusverre hebben de Turkse en Bulgaarse regering nog geen duimbreed toegegeven en wordt de roep om het parlement maar te gaan bestormen steeds krachtiger, maar men weet dat dat het begin van het eind zal zijn. Sjoerd de Vries krijgt het slotwoord en antwoordt dat we, misschien wel omdat alles via de sociale media nu heel erg snel gaat, geneigd zijn te denken dat we ook onze doelen heel snel kunnen verwezenlijken. Dat zal niet zo zijn. Als we naar de impact van sociale media op “de vrede” willen kijken, dan kunnen we het geheel misschien pas over vijftien jaar goed overzien en mogelijk komen we dan tot de slotsom dat die sociale media in belangrijke mate hebben bijgedragen aan de wereldvrede. En dat zou kunnen op grond van twee effecten van die sociale media: we kunnen elkaar wereldwijd veel beter leren kennen over alle grenzen en andere scheidslijnen heen en de sociale media  dragen bij aan een grotere transparantie van het hele wereldgebeuren.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen